woensdag 18 januari 2012

Ik draaf door



Het versroman.

Ik heb nu al zes tweeps die blijk hebben gegeven van een goede smaak. Ze 'hebben wel wat' met het genre 'versroman'. 
Ze delen mijn voorliefde voor de korte, liedtekstachtige stukjes die samen een verhaal vertellen. Een verhaal dat je zelf tussen de associatieve taaluitingen door mag lezen. Korte zinnen. Eenvoudige zinnen. 

Ik ga de liefhebbers van het versroman verzamelen. Misschien wel samenbrengen om te discussiĆ«ren over de schoonheid van het genre. Of om ze een workshop aan te bieden over het maken van een versroman. Ik laat ze tussen mijn regels doorlezen, neem ze mee in mijn hoofd, voer ze gedachtekronkels. Ik laat ze kennis maken met het werk van mede versromanschrijvers. Ik laat ze door woorden gevonden worden zonder dat ze hoeven zoeken, laat ze schijnbaar simpele zinnen verknippen en weer aan elkaar plakken. Ik laat ze zelf experimenteren met woorden die...

Oh, wacht even. Ik draaf door (een fout die schrijvers wel vaker maken).

Even pas op de plaats.

Zes tweeps. Zes liefhebbers. Ik probeer eerst meer potentiĆ«le liefhebbers te bereiken.
Mocht onderstaande 'vers' (en/of de 'verzen' die ik bij de vorige vier blogs over dit onderwerp schreef) je aanspreken, meld je dan aan als liefhebber (door #versromanvolger toe te voegen aan je tweet aan mij).
Mocht je bij de 'verzen' geen gevoel hebben maar ken je iemand waarvan je denkt dat hij/zij het wel heeft... stuur dan een link naar dit blog door. (alstjeblieft).

Tot slot nog een vers.

Jelte  


‘Maar hoe weet ik
of jouw verhaal klopt?’
‘Dat weet je niet,
nooit.
Daar zul je zelf
achter moeten komen.
Dat is nu leven.
Altijd op zoek
en misschien
nooit vinden.
Dat is ouder worden.
Waarheden zoeken
in het stof
aan de kant
van de weg
maar nooit weten
of het halve leugens
zwarte waarheden
of mooie verhalen zijn
die je te horen krijgt.’

©Jelte van der Kooi


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen